Ouders maken Verteltassen en nemen de regie

Nadat Efrat de Groot – Yadgar op de basisschool van haar dochter kennis maakte met de van oorsprong Britse methode Storysacks, ging er een wereld voor haar open. “Ik ontdekte talenten in mezelf, mijn zelfvertrouwen om in een vreemd land met je kind talig bezig te zijn groeide.” Van deze laagdrempelige methode waarbij je je eigen taalvaardigheid en die van je kinderen verbetert, moesten meer mensen weten. Daarom richtte Efrat in Nederland het Kenniscentrum Verteltassen op. Inmiddels begeleidt het kenniscentrum door heel Nederland scholen bij de leesbevordering en taalontwikkeling van ouders en hun kinderen. De bevlogen directeur van het kenniscentrum vertelt haar verhaal. - Tekst: Elsebeth Hoeven

Efrat de Groot- Yadgar: “Iedereen stapt daar met één doel binnen en dat is het verbeteren van de kansen voor je eigen kinderen”

 

 

“Toen mijn dochtertje net op school zat, durfde ik eigenlijk niet naar school. Ik kende weinig Nederlands, was onzeker en durfde het niet te spreken. Door al die angst en onzekerheid raakte ik steeds geïsoleerder, in mezelf gekeerd. En zo kwam ik in de rol terecht van de onzichtbare moeder die mijn dochter heel schuchter naar school bracht – Wat als iemand tegen me gaat praten? Hoe moet ik dan terugpraten? Toen kwam juf Joke naar me toe…”

‘Juf’Joke met Efrat (privécollectie)

OUDERS AAN ZET

Ouderbetrokkenheid is de kern van het werken met Verteltassen. De aanpak bestaat uit twee delen. Het begint bij het maken van een Verteltas, creatief vormgeven rond het thema van een prentenboek en gevuld met stimulerende materialen voor de taalontwikkeling en leesbevordering. De tas en inhoud bedenken en maken ouders van begin tot eind zelf. Als de Verteltas klaar is, nemen leerlingen de tas mee naar huis. Ouders lezen thuis met hun kinderen het prentenboek en oefenen spelenderwijs de taal.

“Met handen en voeten, een beetje Engels, vroeg Joke me ook te komen. Ik zei: nee, nee, nee, ik durf niet, ik kan niet, ik wil niet. Maar ze ging door, het zou zo leuk zijn, goed zijn; ze gaf niet op. Op een gegeven moment zei ze: ‘Weet je wat, ik wacht buiten op bank en we gaan samen naar binnen, ik ga naast jou zitten en je alles uitleggen, je beslist dan of je wilt blijven. Dan heb je het tenminste meegemaakt. Ik zou het zo fijn vinden als je kwam, ik wacht dan en dan op je.’ Die dag kwam dichterbij en ik dacht: nee, ik durf daar niet naartoe. En daarna dacht ik: ze zal daar helemaal niet staan, dat is ze al lang vergeten. Ja, dat zegt ze wel, maar wie ben ik nou? Dat ze daarbuiten wacht, op mij? Maar ze stond er wel! Ze was zo blij dat ik kwam. En ze ging inderdaad naast mij zitten.”

“JE BENT DAAR VOOR JE KIND”

Op school komt een groep ouders een keer per week of twee weken bij elkaar. De
begeleider van het kenniscentrum heeft Verteltassen meegenomen, om te inspireren en voorbeelden te laten zien. Ouders beslissen samen rond welk boek ze een Verteltas gaan maken. Ze bekijken en lezen het boek en vertellen daarover. Welke thema’s zitten erin? Wat vinden ze van het boek? Vervolgens bedenkt de groep ouders educatief materiaal rondom het thema van het boek.

“Ik weet nog zo goed dat ik daar binnenkwam. Er zaten meer ouders die niet zoveel durfden, allochtoon, autochtoon. Mij werd meteen duidelijk: iedereen stapt daar met één doel binnen en dat is het verbeteren van de kansen voor je eigen kinderen. Je bent daar voor je kind! Op dat moment was al mijn onvermogen, mijn taalachterstand, even uitgeschakeld. Hier werd je niet afgerekend op wat je niet kon vanwege je gebrekkige Nederlands of wat dan ook. Hier zag men je kwaliteiten, dat wat je kan bijdragen! En dat was echt heel mooi. Ik dacht: grijp je kans, dit moet je wel doen. En toen is door samenwerken en dingen doen – vooral doen – met andere ouders, met de leerkrachten, mijn Nederlands aanzienlijk verbeterd.”

“Hier werd je niet afgerekend op wat je niet kon vanwege je gebrekkige Nederlands of wat dan ook. Hier zag men je kwaliteiten, dat wat je kan bijdragen!”

VEILIGE PLEK

De aanpak is laagdrempelig, niets is opgelegd: ze beslissen zelf, het is bovenal een veilige plek. Tijdens het actief werken met de tassen praten en overleggen ze met elkaar, zo oefenen ze al doende de Nederlandse taal.

“In het begin zat ik timide alleen te knippen en te plakken, maar de begeleiders kregen in de gaten dat ik veel meer dan dat kon. Langzaam groeide ik daarin. Dat heeft zoveel betekend voor mij als persoon, als moeder. En toen vroegen ze: ‘Misschien kun jij een tijdje de groep begeleiden?’ Nieuwe ouders kwamen en ik bleef.”

Omdat de methode haar persoonlijk zoveel bracht en vanwege de groeiende belangstelling in haar directe omgeving, richtte Efrat in september 2004 de Stichting Nederlands Kenniscentrum Verteltassen op.

“Dat ongelooflijke proces stimuleren we nu ook op andere scholen. Door die laagdrempeligheid, de waardering die je krijgt, groei je.”

EMPOWERMENT

De methode Verteltassen stelt ouders in staat zelf de regie te nemen. Onderzoek heeft bevestigd dat ouders meer zelfvertrouwen ontwikkelen als opvoeders
actiever betrokken zijn bij de opvoeding en het onderwijs van hun kind. Het vertrouwen dat ze hun kind kunnen ondersteunen, groeit. Ze ontwikkelen een sociaal vangnet en vinden het makkelijker om maatschappelijk te participeren.

“Ouders krijgen meer contact met leerkrachten en meer waardering van de school omdat ze meer doen. Met het materiaal dat ze gemaakt hebben, werken de kinderen ook in de klas. Dat versterkt de samenhorigheid tussen ouders en school. Ook de ouders die de tassen meenemen naar huis zijn extra betrokken. Als ze met de tas weer terug komen op school, is er een terugkoppeling: Hoe was het? Wat heb je gedaan?”

TAALVAARDIGHEID OUDERS

Leerlingen nemen de gemaakte Verteltas mee naar huis. Ouders lezen met hun kinderen het prentenboek en gaan spelenderwijs met taal aan de slag. Omdat ouders hun eigen taalvaardigheid verbeteren, gaan de kinderen vooruit.

“Dat is het ons doel: via de ouders komt het bij de kinderen terecht. Ouders krijgen meer inzicht en handvatten om voor te lezen. Ze vinden het steeds leuker, want er zijn allemaal leuke materialen om het boek heen. Ook worden de boeken ingesproken en kunnen ze samen luisteren naar het boek, met het boek erbij.”

ALLE DOELGROEPEN

De tassen zijn voor iedereen, de inhoud van de tas is gemaakt voor verschillende niveaus. Er zitten boeken en materialen in voor kinderen die net beginnen en voor kinderen die wat meer aankunnen.

“Het beste is om te beginnen bij de peuters. Dan prikkel je als ze nog jong zijn het enthousiasme voor boeken en lezen. Je doet samen spelletjes, op een aantrekkelijke manier. In de loop van de jaren hebben we de spelletjes steeds verder ontwikkeld. Dus niet alleen maar
bekende zoals Memory, maar ook spellen die de motorische ontwikkeling stimuleren.”

De ouders in de groep hebben verschillende achtergronden. Ook de mensen met Nederlands als moedertaal leren van de ander, bijvoorbeeld de creatieve vaardigheden die aan bod komen. De methode is bedoeld voor iedereen. Maar bovenal blijkt het een krachtig emanciperend middel voor mensen die kampen met de gevolgen van laaggeletterdheid, is Efrats ervaring.

“In Drenthe kwam iemand naar me toe en zei: ‘Je hebt ons een cadeautje – ik word er weer geëmotioneerd van – gegeven. Want we hebben een leven lang te horen gekregen: jullie zijn niks, kunnen niks, worden niks. Nu heb ik zoiets van, we kunnen wel iets betekenen voor onze kinderen, we zijn iets. Ondanks dat we laaggeletterd zijn, dat we niet zo goed kunnen lezen en schrijven; we kunnen toch onze kinderen helpen om verder te komen.’ Dat vergeet ik nooit meer!”