"Kensington is terug met "First Rodeo", het eerste album met frontman Jason Dowd. De release markeert een nieuw hoofdstuk, dat na het vertrek van Eloi Youssef een herstart moest maken. Toch klinkt hier vooral herkenning. Kensington kiest opnieuw voor grote melodieën, brede arrangementen en veilige rockstructuren. De komst van Dowd brengt merkbaar lucht in het geluid. Zijn stem klinkt minder geknepen en draagt minder dramatische lading. Daardoor voelt "First Rodeo" lichter en energieker. Kensington 2.0 blijft dicht bij de beproefde stadionrockformule, compleet met voorspelbare crescendo’s en veilige ballads en meezingbare refreinen. Voor de opnames reist Kensington opnieuw naar de afgelegen Canadese studio waar eerder ook "Time" ontstond. De sfeer is dit keer veel minder beladen. Twee maanden werken de bandleden en hun nieuwe zanger intensief samen. Die periode vormt de basis voor een album dat vooral draait om plezier, samenwerking en opnieuw vertrouwen vinden in elkaar." (Nieuwste Hits)
Op deze verzamelaar staat de eerste periode (1997-2007) van The Dandy Warhols met alle hits en enkele albumtracks. Er staat tevens een nog niet eerder uitgebracht nummer op de vorm van 'This Is The Tide.' (GT, Muziekbank)
"Zelfs Claw Boys Claw zal ooit stoppen. Frontman Peter te Bos hoopt op kerstavond 2025 de 75 aan te tikken, maar eerst is er een laatste clubtournee. De band draagt tijdens die laatste ronde een sterk nieuw album onder de arm: "Fly", studioalbum dertien sinds 1984, dat maar weer eens onderstreept wat een veelzijdige rockband het hedendaagse ‘CBC’ is: het bedachtzaam poëtische "Quiet Girl" gaat over in het smerig harde "I’ll Be Watching You". Daarna volgt "She Is Sky", zo’n gelaagde song waarin Te Bos en John Cameron (op zijn gitaar) elk een eigen verhaal lijken te vertellen. "Daydream": idem dito. Zo veelzijdig, zo begeesterd, je staat elke keer weer te kijken van de oerkracht, maar ook de diepgang van Claw Boys Claw, zonder dat aan zindering is ingeboet. Gelukkig is het afscheid van het podium nog geen écht afscheid: ‘Als ik zo in mijn computer rondsnuffel komen er nog tien à twintig albums,’ zegt Cameron. Als die zo vitaal en goed zijn als "Fly" zeggen wij: kom maar op." (Volkskrant; 4 uit 5 sterren)
"In 2021 bracht de EP "Butter Miracle - Suite One" de aankondiging van een nieuw album. "Elevator Boots" was het beste en meest succesvolle nummer dat de band liet horen in bijna twintig jaar. Het bracht ze weer in de Amerikaanse top 40. Toch duurde het nog vier jaar voordat het album er zou komen. "Butter Miracle - The Complete Sweets!" heet het, met een knipoog naar de EP. De Crows komen als vanouds met stevige gitaarrockliedjes, afgewisseld met een paar ballads. Allemaal gedragen door die stem, want Adam Duritz blijft natuurlijk een van de markantste zangers in de popmuziek. Hoogtepunt is "Spaceman In Tulsa", een potente rocker à la Bruce Springsteen in zijn vroege jaren. "Under The Aurora" is classic Counting Crows, net als "Elevator Boots" en "Bobby And The Rat-Kings". Die liedjes van de EP zijn trouwens opnieuw gemasterd en klinken hier beduidend pittiger. Counting Crows is niet de eerste band die, nu de kinderen zijn grootgebracht, weer terugkeert naar het front. Maar ze doen het overtuigend." (OOR)
"Their 1984 masterpiece "Let It Be" (a joke title, but also a boast, a dare) is the band’s most celebrated record, the one where they trained their homegrown Midwestern punk sensibilities on Paul Westerberg’s most mature songs yet, creating in the process an enduring template for what would come to be called indie rock. This Deluxe Edition is not a rescue mission. It is a work of thoughtful, incremental maintenance. The bonus tracks (goofy Grass Roots and T. Rex covers, plus melodic rocker “Perfectly Lethal”) are joined by two original songs that have yet to appear on an official release: the two-step throwaway “Street Girl,” and the blistering “Who’s Gonna Take Us Alive.” These are minor, more or less unfinished songs that still illustrate how powerful the band’s ensemble playing could be when they decided to make an effort. The value of the live recordings (one full 1984 show from an audience tape, plus selections from another on a bonus 10") is mostly scholarly." (Pitchfork; cijfer: 9.0)
"Miles Kane is fan van de Amerikaanse band The Black Keys. Dus toen de Britse zanger de kans kreeg om een songwritersessie te doen met Dan Auerbach, zanger en gitarist van The Keys, zei hij meteen ja. Het resultaat heeft een nog breder spectrum dan het solowerk van Kane en The Last Shadow Puppets – Kane’s gelegenheidsproject met Arctic Monkeys-frontman Alex Turner. Waar "One Man Band", het voorlaatste soloalbum van Kane, een rockaangelegenheid was, dienden nu heel de Britse popgeschiedenis en een deel van de Amerikaanse als inspiratiebron. Van opener "Love Is Cruel" met zijn onstuimige georkestreerde sixtiespop (pauken!) tot de stampende glamrock van "Coming Down the Road": Kane heeft met liefde en kunde een vertrouwd retrolandschap rijk aan riffs en hooks geschapen. In "Blue Skies", met Black Keys-signatuur, hoor je bijna de ouderwetse buizenversterkers zoemen. Er is een Scott Walker-momentje als Kane croont tegen een Phil Spector-achtige wall of sound." (De Volkskrant; 4 uit 5 sterren)
“De indrukwekkende singles discografie van Primal Scream is nu vastgelegd op een uitgebreide verzamelaar: ‘Maximum Rock ‘N’ Roll: The Singles’. Eenieder die de Schotse band de afgelopen decennia heeft gevolgd weet hoe uiteenlopend de muziek van Primal Scream vanaf midden jaren tachtig is geweest. De band rond Bobby Gillespie vond zichzelf keer op keer opnieuw uit, keek altijd verder dan zijn neus lang was en kan wijzen op een veelkleurig muzikaal verleden (opgericht in 1982). Primal Scream staat op deze verzamelaar dan ook voor: Byrds-achtige indiepop, garagerock, soul, chill out/ambient, dub, krautrock, noiserock, industrial, pop en dance. ‘Maximum Rock ‘N’ Roll’ is meer dan een verzamelalbum. Het is ook een ode aan de cultuur van singles.” (Written In Music)
De oorspronkelijke CD van Borland (aangevuld met vier nieuwe nummers) werd in 2022 opnieuw uitgebracht door Sounds Like Haarlem Vinyl en Stichting Opposite Direction (die verantwoordelijk was voor de levensfilm over Borland, "Walking Into Opposite Direction"). Het was de laatste plaat die hij opnam voor zijn zelfmoordactie. De ex-zanger van The Sound had de laatste 14 jaar van zijn leven onder hoge depressies geleefd. Hij werd slechts 41 jaar. (GT, Muziekbank)
"In 2002, ten tijde van "Title TK" van Breeders, bleek Deal, als zingende bassist van Pixies en Breeders sekssymbool van menig jarennegentigadolescent, verslaafd, verlopen en vervelend. Ze was 41, maar leek 20 jaar ouder. Ze debuteert als soloartiest (op een worp singles in 2013 na) met een album, "Nobody Loves You More", dat veel beter, speelser en leuker is dan je in 2002 voor mogelijk hield. De tedere titelsong, die de rij opent, verrast met plechtige strijkers en schetterend koper. Het voelt alsof je met Kim Deal over het leven kletst met een lach, het mariachi-achtige "Coast", maar soms ook met een traan, wanneer ze over haar demente moeder vertelt in "Are You Mine?". Te midden van rijk georkestreerde feelgoodliedjes als "Summerland" doet ze een paar keer even aan haar oude bands denken, in "Disobedience" of "Big Ben Beat". Qua melodieën en zang is het altijd typisch Kim Deal. Nooit gedacht dat een collage van haar muzikale ideeën nog zo levendig kon uitpakken." (Volkskrant; 4 uit 5 sterren)
"Fontaines D.C. onderzoekt op "Romance", het vierde en meest eclectische album van de Ierse rockband, de waarde van liefde in een wereld die steeds verder wegzakt in de destructie. Het openingsnummer "Romance" treft direct het onderwerp van het gelijknamige, vierde album van Fontaines D.C.. Het onderzoekt de liefde en de complexiteit van relaties. Maar verwacht geen zoetsappigheid van de Ierse rockband. Zanger Grian Chatten liet zich onder meer inspireren door de Japanse anime Akira, waarin de leider van een motorclub probeert te overleven en liefde een sprankje hoop biedt in de verwoestende wereld van Neo-Tokyo. Muzikaal gezien is "Romance" het meest eclectische en gelaagde album tot nu toe. Hoe verschillend de elf nummers ook zijn, ze dragen alle een vorm van hoop en angst in zich, zoals het betraande hartje op de cover. Een dualiteit die briljant is uitgevoerd met een verfijnd gevoel voor poëzie. Een diepe buiging voor de band." (Het Parool) Ook te zien op 16 en 17 november 2024 in AFAS Live in Amsterdam.
"Heel soms kom je een album tegen waar in potentie bijna álle liedjes meteen beklijven. Zo’n album is "No Rain, No Flowers". Pure magie, Dan Auerbach en Patrick Carney samen. En met het jaar worden hun liedjes beter. Het enige wat ze dan rest is de liedjes samen met een aantal soulvolle medemuzikanten in een fatsoenlijke studio voor de eeuwigheid vast te leggen. Wie de ontwikkeling van het duo de laatste 20 jaar een beetje volgde, zal een paar keer met stomheid geslagen zijn dat deze – bij aanvang zo rauwe, diep in de blues en motorolie van hun postindustriële geboortestad Akron, Ohio gewortelde – muzikanten nu vanuit Nashville ook zoveel ander moois weten te produceren. Het zijn mannen met een missie. krachtige drieminutenpopsongs waarin al het goede van rock & roll, indierock en oude soul samenkomen. Meesterlijke melodieën, fijne koortjes, maar ook geregeld een smerige gitaarsolo, want ook dat is Auerbach nog altijd niet verleerd. De songs klinken rauw, dynamisch, doorleefd en verrassend catchy." (OOR)
"Reisje met de teletijdmachine. Telkens als we het tiende album van de alternatieve rockformatie Buffalo Tom door onze speakers loodsen, wanen we ons in een Jommekestrip. Als we "Jump Rope" opleggen, lijkt het alsof Professor Barabas ons met zijn teletijdmachine naar het begin van de jaren negentig katapulteert. Muziekliefhebbers voor wie die periode zich in het begin van de nineties situeert, zullen het zich herinneren: Nirvana was razend populair. Dinosaur Jr. en Soundgarden ook. Naast dat gitaargeweld waren er ook stromingen die meer soul (Afghan Whigs) of pop (The Lemonheads), of folk en country (The Jayhawks, Cake) omarmden. Buffalo Tom schipperde een decennium lang succesvol tussen alledrie de paden. "Jump Rope" brengt ons dus moeiteloos terug naar die periode. Verrassen doen de heren ons een dik halfuur lang geenszins, maar laat dat nu net een pluspunt zijn." (Dansende Beren; 3 uit 5 sterren)
Klik hier om cookies te accepteren zodat de vertaalmodule kan worden geladen. Het kan zijn dat je de pagina moet herladen.