"Voor "There Near" greep J Mascis naar de Mesa Boogie MK I. Met die legendarische versterker – een soort opgevoerde Fender – werd destijds ook het gitaargeluid van hun debuut "Dinosaur" tussen de palen geramd. Producer Rick Rubin had Mascis aangespoord de plaat opnieuw te beluisteren en dat inspireerde de eeuwige slacker om het geluid van die beginjaren te reanimeren. We trekken "Dinosaur" zelf ook maar weer eens uit de platenkast. Opvallend is dat Mascis’ stem op die eersteling nog nauwelijks craquelé heeft; zijn kenmerkende vocal fry ontbreekt goeddeels. Verder vervormen de gitaren weliswaar flink, maar de noten en akkoorden blijven alsnog verrassend overeind. Op "There Near" is dat korrelige MK I-geluid overal hoorbaar: het gruis zit tot in de kieren van de productie. Afgezien daarvan blijft alles in de Bisquiteen Studio bij het oude. Mascis wekt vocaal nog altijd de indruk dat het hem allemaal geen bal interesseert, terwijl hij schijnbaar achteloos met virtuoze gitaarlijnen strooit. Vooral in "Read The Room" zijn die verrukkelijk en kronkelen als een slang door de hele track. Ook bassist Lou Barlow krijgt uiteraard weer z’n eigen nummer: "No One’s Ready". Ondanks de soms wat sombere teksten – "No Friends" maakt dat thema expliciet – klinkt de plaat verrassend opgewekt. De clip van ijsbreker "Several Got Away" is zelfs zo melig dat we bijna gaan denken dat de notoire kemphanen zich hebben verzoend. Nah…" (OOR)
"Spoiler: ook "This Mirror Weighs A Ton" gaat bij lange na niet over "Turn On The Bright Lights" heen (noch over opvolger "Antics"), maar is wél weer eens een sterke en geïnspireerde plaat. Waarbij de textbook Interpol-krakers – die heb je ook nodig – keurig worden afgewisseld met nummers waarin de heren in samenspraak met popproducer Andrew Wyatt (Rosalía, Liam Gallagher, de Barbie-soundtrack) zoeken naar Nieuwe Geluiden.Of strijkers, bongo’s, houtblazers en handclaps inderdaad thuishoren in het Interpol-universum mag iedereen zelf bepalen, maar het werkt wél. Althans, meestal. Want na die feestelijk swingende Talking Heads-pastiche die het percussieve "Wake Up" is geworden – zo funky klonk Interpol nog nooit – moet je je als luisteraar toch even herpakken. Of gewoon het startschot weer aanklikken, de twee tracks die ons overtuigend warm wreven voor dit album: het sfeervolle titelnummer (dat net als "So Rides The Reindeer" sterk naar The National neigt) en het daverende "See Out Loud" – Interpol volgens het boekje natuurlijk, maar wát een genadeloze banger.Zanger/tekstschrijver Paul Banks doet op dit achtste Interpol-album intussen wat ie moet doen: met zijn dwingende bariton het gure grotestadsweer trotseren, de bugs van zich af slaan (Wings On Fire) en zo nu en dan neerknielen bij klein en groot menselijk leed, waarbij opvallend vaak referenties naar oorlogsgeweld opduiken (Wounded Soldier, Enemy). Laat de zwarte randjes maar aan Banks over. Wat verder opvalt is dat de nu als volwaardig groepslid aangestelde livebassist Brad Truax meteen zijn stempel drukt: voor ’t eerst sinds de begindagen, met stijlicoon Carlos Dengler, brengt de bas weer prominent richting en diepte aan in het geluid van Interpol. Vooruitgang, heet dat. En, misschien, toch ook weer een klein stapje in de richting van dat onvolprezen debuut." (OOR)
"Het rock-'n-roll-landschap werd behoorlijk opgeschud op 6 april 2026. Ineens verscheen een teaser video op de Instagram-pagina van niemand minder dan The Strokes, dé rockband van een generatie. Een geanimeerde video van een oude Nissan met als tekst: ‘In the flesh, it’s even sexier’. Slechts een paar dagen later kregen we daadwerkelijk iets in the flesh: de eerste single richting een nieuw album. Going Shopping, een zonnig en poppy liedje à la ‘Brooklyn Bridge to Chorus’ van het vorige album (ondertussen alweer zes jaar geleden!). Het nieuwe album zou "Reality Awaits" gaan heten en is verspreid over een aantal jaar gemaakt. Net als bij dat vorige album, "The New Abnormal", samen met superproducer Rick Rubin. Allemaal in een broeierige periode waarin frontman Julian Casablancas een haat-liefdeverhouding met muziek had. Zoals altijd moest hij zichzelf herontdekken. The Strokes maken allang niet meer de jeugdige en springerige garagerock zoals op de moderne klassieker ‘Is This It’. Nee, tegenwoordig is er ruimte voor uitgebreide arrangementen, left-field-productiekeuzes, drumcomputers, langzame ballads afgewisseld met poprefreinen en…. autotune! Julian Casablancas experimenteert er graag op los met zijn stem. Zeker op "Reality Awaits", waar hij zijn gekke gewoontes vanuit The Voidz graag meeneemt. Het resultaat is gelaagd, modern en fris. Als The Strokes terugkomen, doen ze dat natuurlijk goed." (Platomania)
"Kurt Wagner heeft met Lambchop al ruim drie decennia bewezen dat een band niet twee keer hetzelfde album hoeft te maken. Vanuit Nashville ontwikkelde Lambchop zich van een relatief traditionele countryformatie tot een project waarin Americana, soul, elektronica, folk en experimentele pop elkaar voortdurend raken. Na "The Bible" uit 2022 kiest Wagner op "Punching The Clown" echter opnieuw voor een opvallend sobere aanpak. Het album werd grotendeels in slechts drie dagen opgenomen in de studio van Bon Iver. De aanleiding voor de plaat was een toevallige ontmoeting met een oude gospelopname op de radio. Wagner raakte gefascineerd door ‘lined out singing’, een oude vorm van religieuze samenzang waarbij een voorzanger de tekst regel voor regel inzet en een groep die vervolgens overneemt. Dat idee vormt de basis van het album. De bezetting is daarom ongewoon klein: Wagner op zang, Andrew Broder op gitaar, Justin Vernon van Bon Iver op banjo en een koor onder leiding van Blake Morgan. Het resultaat is intiem, soms geestig en regelmatig ontroerend. De aanwezigheid van Justin Vernon is interessant, maar hij overschaduwt Lambchop nergens. Het is vooral de interactie tussen banjo, gitaar, stem en koor die de plaat zijn eigen karakter geeft." (Maxazine; cijfer: 9/10)
"Na een carrière vol stadionwaardige glamrock kijkt Brandon Flowers terug op zijn jeugd in Utah, met een plaat vol oprechte, behoorlijk zwaarmoedige heartland rock en country tot gevolg. Maar ho even, hebben we dat al niet eens eerder gehoord? De insteek van het derde soloalbum van de frontman van The Killers lijkt inderdaad verdacht veel op die van Pressure Machine (2021), de laatste worp van zijn band. Op detailniveau zou je kunnen constateren dat deze plaat wat minder heartland en wat meer country is, maar aangezien het intro van Angel nog net geen doorslagje is van The River (van Flowers’ grote held, inderdaad), blijkt die scheidslijn vrij dun. In ieder geval laat Flowers hier opnieuw zijn Las Vegas-glitterpakjes in de kast hangen en bezingt hij weer een vrij somber en sober Amerika. Een Amerika waar de protagonist van het treurige Miss America het maar zwaar te verduren heeft en in afsluiter American Dream uiteindelijk Elvis Presley (rijdend in een Tesla!) in een visioen arriveert om wat hoop in bange dagen te creëren, of iets in die richting.Flowers is een begenadigd songwriter, dus met het materiaal an sich is hier niet zoveel mis, en in de context van zijn solocarriére voelt deze toonwisseling wat minder als een verkleedpartij dan binnen het kader van The Killers. Toch klinkt het geheel allemaal wel érg serieus en ook een tikje clichématig. Het ingetogen In A Heartbeat is een hoogtepunt, maar dat het Flowers nu al twee platen lang niet lukt om deze muzikale koerswijziging de gehele speelduur boeiend te houden, wijst erop dat het misschien tijd wordt om weer eens naar een glitterpak te grijpen. (OOR)
"Jarenlang bracht Shearwater (uit Austin in Texas) albums uit op prominente Amerikaanse indielabels, maar sinds de coronajaren werkt de band van Jonathan Meiburg in eigen beheer, in relatieve luwte.Het nieuwe "The New World" werd via crowdfunding gefinancierd, maar ambitieus is het: het bevat bijdragen van orkesten en instrumentalisten van over de hele wereld. Meiburg, bioloog van beroep, bezocht ondertussen (eind 2025) Antarctica om de wereld onder het gestaag smeltende ijs te verkennen.Typisch Shearwater, dat altijd al werd geïnspireerd door eilanden, oceanen, expedities, flora en fauna – vogels in het bijzonder. Het levert bij Meiburg wetenschappelijke literatuur én prachtige muziek op, verwant aan Mark Hollis’ Talk Talk rond 1990, met Meiburgs even plechtige als emotionele zang als constante.The New World sluit aan bij de ‘Island Arc’-trilogie (2006-2010): weids, gedragen, soms verstild, soms overdonderend, met her en der orkest en houtblazers. Het komt tot ons in songs die tot Meiburgs beste behoren: "Daydream Unbeliever", "The Only Sound I’m Afraid Of" en "You And Your Dog", met Laurie Anderson als betoverende verteller.Aan expliciete waarschuwingen over klimaatverandering en zieltogende ecosystemen doet Meiburg niet. Liever verklankt hij de schoonheid van de planeet, de natuur en het leven hier. Hoezeer dat alles in gevaar is, voel je daarna vanzelf wel." (de Volkskrant, 4 uit 5 sterren)
"Verstand komt met de jaren. Greg Dulli (61) is er inmiddels ook zelf achter. Terugkijkend vond hij zichzelf te vaak een te opgewonden standje. Hij was lang boos op van alles en iedereen, maar bleek die emotie prima om te kunnen zetten in creativiteit. Het aantal albums, ook naast die tien van The Afghan Whigs, is indrukwekkend. Dulli verklaart de laatste jaren hard gewerkt te hebben aan zijn innerlijke rust. Zijn woede vormt naar eigen zeggen geen bedreiging meer voor zijn ondergang. Is dat creatief gezien meteen ook slecht nieuws? Godzijdank niet. Een watje is Dulli nog altijd niet en dat zal hij ook wel nooit worden. Zijn temperament blijft tot uiting komen op een album waarop de uitersten wellicht zelfs groter zijn geworden. Kracht versus subtiliteit, rockende gitaren versus sfeervolle toetsenpartijen, vocale uithalen versus subtiele harmonieën, somberte versus nieuwe levensvreugde. Het beste nieuws: opnieuw weet de band als geen ander rockende gitaren te koppelen aan warme, diepgaande rhythm & blues vanuit de krochten van de ziel, zoals ze dat ook in hun gloriejaren met albums als "Congregation" en "Gentlemen" al deden. Wat is die Dulli nog altijd een sterke witte, rauwhese soulzanger. Veel fraaiere songs dan "The Deepest Part Of The Darkest Shadow" zullen er dit jaar niet meer worden gemaakt." (OOR)
"Door de veelheid aan invloeden klinkt "Cannonball" als geheel aanvankelijk misschien als een allegaartje, maar neem gerust de tijd om alles onder je huid te laten kruipen; alle liedjes ontpoppen zich langzaam tot een gevarieerd geheel waaruit je niets kan schrappen. Met jeugdig enthousiasme gooien ze alternatieve muziekstijlen door elkaar tot een mix van postpunk en artrock waar bijvoorbeeld ook Black Country, New Road zo om gekend staat. Ook het hoesontwerp is er eentje om in te kaderen. Subtiele referenties naar de songs zitten verstopt in de cover, en de slaapkamer uit het artwork komt eveneens terug in de videoclip van “Nosedive”. Met die kleine details laat de groep zien hoe doordacht ze omgaat met het muzikale én het visuele in het totaalplaatje. Met "Cannonball" levert Man/Woman/Chainsaw een van de spannendste en meest overtuigende debuutplaten van het jaar 2026 af. De band slaagt erin om een verrassend rijk palet aan genres om te vormen tot een consistent, meeslepend geluid dat zowel roekeloos als tot in de puntjes doordacht aanvoelt. Niet alleen lossen deze jonge Britten de hoge verwachtingen moeiteloos in, ze bewijzen ook meteen een van de meest veelbelovende acts van de huidige alternatieve gitaarscene te zijn. Een ijzersterk visitekaartje dat smaakt naar heel veel meer." (Dansende Beren; 4 uit 5 sterren)
"Whether you’ve spent time with 16 Horsepower or Wovenhand, David Eugene Edwards’ music has always stood out due to his fiery delivery style and the sheer amount of ground that each project covered. Wovenhand originally functioned as a solo endeavor but expanded to include a regular group of collaborators, so it makes sense that in 2023 Edwards released his first solo album "Hyacinth" under his name. That effort retained some of the folk elements but incorporated some electronics and other stylistic influences that broadened his musical horizons, and "Mercurial Silence" pushes even further outwards. The material places an emphasis on thumping beats that have more of a modern hip-hop and electronic feel to them, while retaining the hazier melodies and sweeping instrumentation Edwards is known for. The way that his voice hovers over top of the beats and hazier melodies is entrancing. Sometimes there’s a bit more gravel and grit, while other songs take on a more ethereal tone." (metaltrenches.com; score: 8.7)
"Als je zijn bands (The White Stripes, The Dead Weather, The Raconteurs) meetelt, is "Frozen Charlotte" het negentiende studioalbum van Jack White sinds 1999. Zijn geluid herken je uit duizenden, maar hij lijkt zich eerder op een succespiek te bevinden dan in onderhand wat kalmer vaarwater: volle zalen, geweldige concerten (laatst nog op Best Kept Secret), voelbare opwinding, waar hij ook verschijnt."Frozen Charlotte" is een van de betere albums van zijn in blauw uitgevoerde solo discografie. De gitaarsound, de geagiteerde vocalen, de riffs, de breaks: het is allemaal vintage White, maar verveling is nog in geen velden of wegen te bekennen.Hij grijpt je in de vlammende opener "G.O.D. And The Broken Ribs" bij de kladden en laat je pas dertien nummers later weer los. White zit hier in de ‘hardrock rond 1969’-modus: ‘Zeppelin’ in songs als "There’s Nobody There" en "Nobody Knows, ‘Sabbath’ in "She’s In A Frenzy". De riffs tollen wat stoerder (en langer) rond dan op recente albums. Alsof hij zijn sound net heeft ontdekt en daar gierend opgewonden over is, zo klinkt Jack White, terwijl hij in werkelijkheid al bijna dertig jaar zijn niche verkent. Dat is meesterschap." (Volkskrant; 4 uit 5 sterren)
"Kensington is terug met "First Rodeo", het eerste album met frontman Jason Dowd. De release markeert een nieuw hoofdstuk, dat na het vertrek van Eloi Youssef een herstart moest maken. Toch klinkt hier vooral herkenning. Kensington kiest opnieuw voor grote melodieën, brede arrangementen en veilige rockstructuren. De komst van Dowd brengt merkbaar lucht in het geluid. Zijn stem klinkt minder geknepen en draagt minder dramatische lading. Daardoor voelt "First Rodeo" lichter en energieker. Kensington 2.0 blijft dicht bij de beproefde stadionrockformule, compleet met voorspelbare crescendo’s en veilige ballads en meezingbare refreinen. Voor de opnames reist Kensington opnieuw naar de afgelegen Canadese studio waar eerder ook "Time" ontstond. De sfeer is dit keer veel minder beladen. Twee maanden werken de bandleden en hun nieuwe zanger intensief samen. Die periode vormt de basis voor een album dat vooral draait om plezier, samenwerking en opnieuw vertrouwen vinden in elkaar." (Nieuwste Hits)
"Van een sociaal bewust kwartet dat, met gitaar als wapen, de deplorabele status van hun Verenigd Koninkrijk fileerde, naar een band die je ook liet dansen op de in punkfunk en disco gegoten maatschappijkritische boodschap. Het Noord-Engelse Yard Act heeft in vijf jaar met twee albums een ontwikkeling doorgemaakt die nu doorzet. Op het derde album verruilt zanger en frontman James Smith dat kenmerkende praatzingen, zo nu en dan voor zang. En ook tekstueel neigt Smith met poëtischer, soms zelfs surrealistische teksten naar meer introspectie.Gebleven is de gedrevenheid. In "Empty Pledges" stapelt de ergernis over loze beloften zich op tot een zinderende climax waarin muziek en dichter elkaar tot steeds grotere hoogten stuwen. Het zijn de combinaties en tegenstellingen die elk ijzersterk liedje naar een hoger plan tillen. Het culmineert in het weergaloze "The Thrill Of The Chase": punkverbetenheid, funky slaggitaartje, luidruchtige rockgitaar en dat alles in het gareel gehouden door een hard meppende snaredrum." (Volkskrant; 5 uit 5 sterren!)
Klik hier om cookies te accepteren zodat de vertaalmodule kan worden geladen. Het kan zijn dat je de pagina moet herladen.