Deze Engels-Schotse folkrockgroep geldt in Britse folkkringen als 'supergroep'. Zangeres Nancy Kerr heeft solo een reputatie en kennen we ook van Full English. Daarin werkte ze met oude rot Martin Simpson, die eerst ook bij The Magpie Arc was betrokken, maar in 2025, vóór de release van dit 2de album, afscheid nam. De overige 3 leden draaien ook al langer mee. Wat bij beluistering meteen opvalt is de róck in folkrock: stevige elektrische gitaren domineren. De songstructuren en de zangstijlen geven toch een typisch Brits folktrekje aan deze songs. En dan zijn er nog bijdragen van Jethro Tull-voorman Ian Anderson op fluit en Steeleye Span-zangeres Maddy Prior. Ook progfolkfans zullen verrast worden, want "“Gil Brenton” is an engaging, dynamic listen deeply rooted in both the history and future possibilities of folk rock and progressive. A work that positions itself authoritatively on the international scene and deserves to be discovered, appreciated, and revisited with each listen." (Progressive Rock Journal)
"Hothouse Flowers kwam drie keer bij Jan Douwe Kroeske langs. ‘Ieder keer was het weer bijzonder’, vertelt hij. Het moet ongetwijfeld de liefde voor muziek zijn en deze muziek live performen. Het zij voor een groot publiek, hetzij in een intieme studio. Op deze uitgave van "Live On 2 Meter sessions" staan nummers uit 1993, 2004 en 2019. Tja, de band bestaat inmiddels ook alweer meer dan dertig jaar. Op deze 2MS-uitvoering staan de grootste ‘hits’ ("Don't Go", "I Can See Clearly Now"), maar ook minder bekende nummers zoals "End Of The Road" en "Peace Tonight". Helaas ontbreken "I’m Sorry" en "Give It Up". Daar staat dan weer tegen over dat er wel een prachtige cover is toegevoegd aan de setlist: het prachtige "Trumpets" van het Schotse Waterboys. De magie bij de nummers zit ‘m dit keer niet in het grootse, overweldigende geluid, maar in de intieme, soms ingetogen weergave van de songs. Ook dan weet Hothouse Flowers je te betoveren." (hifi.nl; waardering muziek: 8,0 - klank: 8,0)
Heruitgave uit 2020 van het debuutalbum van deze singer/songwriter uit Utah VS, uitgebreid met een bonus cd. Breekbare liedjes, met als belangrijkste begeleiding haar eigen akoestische gitaar. Een deel van de CD is live opgenomen, wat 't extra direkt maakt. Mix van Edie Brickell en Heather Nova. Haar debuutalbum, uit 1994. Met o.a. 'Who Will Save Your Soul'.
"De eerste twee CD’s bevatten in totaal 31 songs uit de lange historie van de band, waarvan verschillende versies niet eerder zijn uitgebracht. Hierop zijn voornamelijk studio-opnamen te horen, naast enkele live-versies, steeds van verschillende bezettingen. De derde CD is een heruitgave van het album "The Fields Of Eden" uit 2015. Dit album werd, zoals eerder gemeld, hoog gewaardeerd door pers en fans. Het hoogtepunt is de titelsong, dat al ruim voor de release al werd gespeeld tijdens de concerten sinds begin deze eeuw. Het is een song in de traditie van "Lord Of The Ages", beginnend met een ouverture en een epiloog, met naast schitterende muziek erg mooi gesproken woord door een bevriende huisarts annex amateur toneelspeler, Dr. Andrew Jackson. Het is een gevarieerd album, met ook meer uptempo songs als "Long Time Running", "Walk Away From Heaven" en het bluesy The Same Rain. De DVD toont het laatste Britse concert op 25 januari 2020 in de Town Hall in Ripley." (Bluestown Music)
"De Schotse artieste van Chinese origine debuteerde in 2005 met "Eye To The Telescope", waarop ze pakkende poprocknummers afwisselde met liedjes waarin blues- of alt.country-invloeden doorklonken. Het opnieuw door Steve Osborne (New Order, Placebo) geproduceerde "Drastic Fantastic" is de even logische als zelfverzekerd klinkende opvolger, die het succes nog wat verder kan uitbouwen. De rootsy invloeden zijn nagenoeg verdwenen, dit is echt een plaat voor het grote publiek, met goed in het gehoor liggende rocknummers naast soepele popsongs en ingetogen ballads. Het spannend opgebouwde "Funnyman", het aanstekelijke "Saving My Face" en het eerder al eens als akoestisch b-kantje verschenen maar voor deze plaat radicaal omgewerkte "Little Favours" zijn de onmiddellijk aansprekende hoogtepunten. Terwijl Tunstall zichzelf ontpopt als de ideale kruising tussen die twee andere ‘girls who played guitars’: Meredith Brooks en Liz Phair." (Oene Kummer, Oor)
Zelden liepen vorm en inhoud zo ver uiteen als op Cannibal, opener van het eerste soloalbum van Marcus Mumford. Wat je hoort: een akoestische gitaar, bescheiden tokkelend, licht pulserend. Een melodie is nauwelijks te ontwaren. De wereldberoemde zanger zingt op zijn kenmerkende mild-melancholische wijze wat voor zich uit. (...) Maar dan de tekst: ‘I can still taste you and I hate it / That wasn’t a choice in the mind of a child and you knew it.’ Veel explicieter ga je het niet krijgen. Het misbruik ligt dertig jaar achter ons en al die tijd heeft Mumford het weggestopt. Nu hij de confrontatie aangaat, blijkt het akelig vers en (dus) ongeordend. Mumford stuitert van erkennen naar ontkennen. Van manieren om het achter zich te laten – misschien kan vergiffenis uitkomst bieden? – naar het besef dat ‘t hem nog steeds opvreet en dat hij er misschien wel nooit overheen komt. Kort voor het einde explodeert het nummer. (...) (self-titled) is, voor zowel maker als toehoorder, een album van groot belang. (OOR)|
"At Mercy’s Edge borduurt verder op de songwriterscapaciteiten van Parsons die thema’s zoals het ongebreideld kapitalisme, het falend politiek beleid, oorlog en de wanhoop aansnijdt. Met de potente ritmesectie en de verrichtingen van Ross Bellenoit die een dynamische gitaartandem met Parsons vormt wordt een gespierde rauwe rocksound gecreëerd. Greed On Fire, het op nerveuze riffs geënte Changes Everything en een opzwepend Trouble Zone staan ongeduldig te trappelen om uit de lockdown en quarantaine situatie te breken en lonken naar de grote podia. Iets te nadrukkelijk, gelukkig passeren er eveneens meer genuanceerde momenten zoals One More, een romantisch duet met Emily Ann Zeiltyn en het op melodieus galmende snarentwang golvende Living With The Top Down. Na het op lekker luie ritmiek kuierende Mule Train volgt het folkgetinte titelnummer Mercy’s Edge, op de valreep nog een van de betere tracks." (Written in Music)
"Deze box, waar de fans al reikhalzend naar uitkeken, is het chronologische vervolg op Archives Volume 1 en duikt diep in de periode voorafgaand aan Jonis meesterwerk Blue, dat dit jaar zijn vijftigste verjaardag viert. Verspreid over 5 cds krijgen we bijna zes uur onuitgebrachte thuis-, studio- en live-opnames uit haar rijkgevulde kluis te horen. De nummers staan in chronologische volgorde, zodat we Mitchell in realtime kunnen volgen door een van de meest creatieve periodes van haar carrière. De collectie bevat verschillende niet eerder uitgebrachte liedjes, waaronder Jesus, opgenomen in 1969 in het appartement van haar vriendin Jane Lurie in New York in Chelsea, dat ook als decor diende voor Chelsea Morning. Andere hoogtepunten zijn een optreden in Ottawa uit 1968 en een concert in Londen uit 1970 dat werd uitgezonden door de BBC, waarin Joni enkele nummers samen met James Taylor zingt. Het begeleidende boek bevat veel fotos en een interview met Cameron Crowe." (Platomania)
"Another set of solid British folk-rock from these longtime vets is loaded with soaring group harmonies, rather ambient textures, and an authentic feel and musicianship that marks all of their best work. Though these tracks don't necessarily pack the punch of the work of earlier Steeleye Span lineups, there is hardly a bad song here. The set might suffer from a slight homogenous feel, but there is no arguing with tracks like the opener "The Prickly Bush," the graceful balladry of "Go From My Window," and the darkly satirical "You Will Burn." This is definitely a band that has aged well and does its legacy no injustice with releases as even as this." (Allmusic)
"Het laatste werkstuk Van Greg Brown dat recent in mijn brievenbus belandde wordt afgesloten met Tenderhearted Child. Ook de nieuwe langspeler van Seth Avett, integraal gevuld met songmateriaal van de meesterlijke singer-songwriter sluit af met in een verstilde pianoballade getransformeerde uitvoering van dat prachtige nummer. Seth Avett was ten tijde van de release nauwelijks enkele maanden geboren maar pikte dat nummer op tijdens zijn tienerjaren en het ondertussen uitgebreide oeuvre van Brown vormde een niet te onderschatten inspiratiebron in de evolutie van het songwerk dat hij met zijn jongere broer Scott bij The Avett Brothers debiteerde en zijn soloprojecten. Een recente ontmoeting met Brown in het huis in Iowa waar hij samenleeft met zijn vrouw Iris Dement sterkte Seth in zijn besluit om de imposante catalogus van Brown, in navolging van Willie Nelson, Gillian Welch en Lucinda Williams nog eens zorgvuldig te doorbladeren en te verwerken." (Written in Music)|
Klik hier om cookies te accepteren zodat de vertaalmodule kan worden geladen. Het kan zijn dat je de pagina moet herladen.