"Spoiler: ook "This Mirror Weighs A Ton" gaat bij lange na niet over "Turn On The Bright Lights" heen (noch over opvolger "Antics"), maar is wél weer eens een sterke en geïnspireerde plaat. Waarbij de textbook Interpol-krakers – die heb je ook nodig – keurig worden afgewisseld met nummers waarin de heren in samenspraak met popproducer Andrew Wyatt (Rosalía, Liam Gallagher, de Barbie-soundtrack) zoeken naar Nieuwe Geluiden.Of strijkers, bongo’s, houtblazers en handclaps inderdaad thuishoren in het Interpol-universum mag iedereen zelf bepalen, maar het werkt wél. Althans, meestal. Want na die feestelijk swingende Talking Heads-pastiche die het percussieve "Wake Up" is geworden – zo funky klonk Interpol nog nooit – moet je je als luisteraar toch even herpakken. Of gewoon het startschot weer aanklikken, de twee tracks die ons overtuigend warm wreven voor dit album: het sfeervolle titelnummer (dat net als "So Rides The Reindeer" sterk naar The National neigt) en het daverende "See Out Loud" – Interpol volgens het boekje natuurlijk, maar wát een genadeloze banger.Zanger/tekstschrijver Paul Banks doet op dit achtste Interpol-album intussen wat ie moet doen: met zijn dwingende bariton het gure grotestadsweer trotseren, de bugs van zich af slaan (Wings On Fire) en zo nu en dan neerknielen bij klein en groot menselijk leed, waarbij opvallend vaak referenties naar oorlogsgeweld opduiken (Wounded Soldier, Enemy). Laat de zwarte randjes maar aan Banks over. Wat verder opvalt is dat de nu als volwaardig groepslid aangestelde livebassist Brad Truax meteen zijn stempel drukt: voor ’t eerst sinds de begindagen, met stijlicoon Carlos Dengler, brengt de bas weer prominent richting en diepte aan in het geluid van Interpol. Vooruitgang, heet dat. En, misschien, toch ook weer een klein stapje in de richting van dat onvolprezen debuut." (OOR)
"Gelijk vooropgesteld: dit is een groeiplaatje. Gelijk aanvullend: dat zijn vaak de beste! Op het eerste gehoor klinkt de zevende plaat van deze Amerikaanse band – met nog immer als kern het trio Paul Banks (zanger), Daniel Kessler (gitarist) en Sam Fogarino (drums) – nogal ingetogen en zelfs een beetje somber, echt een product van de coronaperiode. Natuurlijk nog steeds flink geworteld in het indierockgenre met veel overeenkomsten met een band als Editors (vooral door de zang maar ook door de opbouw van de songs), hebben de mannen hun horizon wel degelijk verbreed op dit album. Soms filmisch, soms postrockachtig, dan weer pure indierock danwel postpunk, welk label je er ook op plakt, The Other Side of Make-Believe verkent in elf tracks op indrukkende wijze de sinistere onderstromen van het hedendaagse leven. Maar daar moet je dus wel even de tijd voor nemen, om dit alles echt tot je te laten doordringen. Een echt groeiplaatje, dus." (Platomania)|
Het leek nog maar gisteren toen Interpol het strakke ‘Marauder’ (2018) op ons losliet. De vijf nummers op de EP werden opgenomen in dezelfde sessie als ‘Marauder’ en dat hoor je. Eerder kregen we al de nummers “Fine Mess” en “The Weekend” te horen, en ook daar waren we fan van. Hun gitaren op deze twee songs zorgen voor grote spanningsbogen, die verleidend werken. De afsluiter van het vijftal, “Thrones”, is net als “Real Life” een worstelwedstrijd van gitaren, maar trekt zich als een trage diesel op gang en krijgt dankzij de melancholische, ruwe stem van Banks een donker kantje mee. Net daarom zijn we fan van Interpol. We begrijpen waarom sommige nummers hun laatste album niet haalden, maar de meeste hadden er zo tussen kunnen staan en ze zouden nog schitteren ook. Daarom mag je deze Interpol EP niet zomaar aan je laten voorbijgaan, zie het als een welgekomen digestiefje.” (Dansende Beren)
"Heerlijk desolaat mengsel van Briste wave (Joy Division, Bauhaus, shoegazers als Slowdive) en venijnige gitaarsongs (met Sonic Youth-tic) wat frisse combinaties oplevert. Soms wel op het randje van pathetisch en aanstellerig." (RR, Oor)
"Joy Division-invloeden zijn nog hoorbaar, nieuw zijn flarden Television en Comsat Angels in een vooral eigen sound." (HH,Plato) "Net iets cooler, stijlbewuster, scherper, subtieler, smarter dan de rest. (Faint, Rapture, Killers)." (Erik van den Berg, Oor) Deze speciale dubbel-CD-editie bevat twee additionele nummers, drie remixen en een CD-ROM-video-gedeelte met drie videoclips.
"Met "Turn On The Bright Lights" leverde het New Yorkse Interpol in 2002 één van de beste postpunk-revival platen van de afgelopen vijf jaar af. Een plaat die zwaar leunde op de muzikale erfenis van Joy Division, maar ook een duidelijk eigen geluid liet horen. Het 2 jaar later verschenen "Antics" was zeker niet slecht, maar maakte toch niet zoveel indruk als zijn voorganger. De verrassing was er misschien wat af, maar bovendien mistte de band scherpte. Met "Our Love To Admire" neemt Interpol wraak voor de net iets mindere tweede plaat. Ook op haar derde maakt Interpol geen geheim van haar bewondering voor Joy Division en zeker ook The Chameleons, maar storend is dit nergens. Net als op haar debuut grossiert Interpol hier in melancholieke postpunk-songs. Songs die zijn geworteld in de jaren '80, maar die ook zeker eigentijds klinken. Een knappe derde plaat van een band die nog altijd moet worden gerekend tot de uitblinkers binnen de zo uitgedijde postpunk-revival-scene." (Erwin Zijleman, Velvet Music)
Klik hier om cookies te accepteren zodat de vertaalmodule kan worden geladen. Het kan zijn dat je de pagina moet herladen.